Route du Soleil (2)

122_213978Als we ons op het zonnige terras van La Royante vervoegen liggen daar twee blonde labradors in innige verstrengeling. De koppen tegen elkaar, de poten uitdagend in de lucht. Anders dan wij, worden ze niet verlamd door 30 graden hitte. Sinds we onze hond Lumi hebben, ben ik opnieuw dol op honden. De jongste van de twee labradors blijk het meest communicatief. Hij komt een balletje brengen om bezig gehouden te worden, maar net als onze witte Zwitserse herder duikt de hondenkop uitdagend weg zodra je dat balletje probeert te pakken. Hoe praat je met een Franse hond? “Asseyez-vous, probeer ik, in de veronderstelling dat dit “zit” betekent. De hond kijkt me niet-begrijpend aan, maar Letty schiet in een onbedaarlijke lach. Zo beleefd is een hond nog nooit toegesproken.

Goddelijke plek

Dit landgoed La Royante in Aubagne en Provence is werkelijk een goddelijke plek. In de middle-of-nowhere, lange oprijlaan met een automatisch sluitend hek. Aan het eind vormen de contouren van een prachtig kasteeltje strakke lijnen tegen de heldere hemel. Het is een chambres d’hÙtes, hetgeen wil zeggen dat het particulier bezit is en dat de eigenaren enkele kamers verhuren aan gasten. Officieel wordt deze voorziening geacht beneden de kwaliteit van een hotel te staan, maar wie de chambres in Frankrijk bezoekt weet wel beter. We hebben een compleet appartement, met eigen terras en achterin de tuin borrelt het zwembad. Er zijn nog twee andere stellen, een Engels en een Nederlands.

Sacristie

We slapen in de sacristie! La Royante blijkt van oudsher een privÈ-kapel te hebben en die is nog helemaal in takt. Vanuit onze kamer komen we in de badkamer, de plek waar vroegere priesters hun misgewaden aantrokken. Als ik de deur van de badkamer ontgrendel sta ik pardoes in de kapel, die door de eigenaren van La Royante, Xenia & Bernard, gelukkig in oude staat is gelaten. Vanuit de hoogte kijkt Sint Franciscus goedkeurend op ons neer. De zonnestralen trekken stevige lichtstralen door het glas-in-lood. Het altaar staat er nog, de misgewaden hangen uit alsof de mis elk moment kan beginnen.

God in Frankrijk

God in FrankrijkHet kerkje is maar een paar vierkante meter groot en er kunnen niet meer dan 5, 6 banken in. Nooit gedacht het moede hoofd nog eens neer te kunnen leggen in de schoot van de Moederkerk, maar dan in dit geval letterlijk. Als we in de badkamer staan horen we door de deur de stemmen van bezoekers in de kapel. Het is alsof elk moment het Gregoriaans kan klinken. Ik weet dat het lang geleden moet zijn dat kerkbezoekers hier devoot hebben geknield. Maar zo’n ambiance maakt toch bescheiden en de bezinning die ermee samenhangt beschouw ik als de ultieme vorm van bidden, zoals het weer, deze natuur, de vriendelijkheid van de mensen als een geschenk van God, als God in Frankrijk dus.

Cassis aan zee

Hoe haaks staat de vriendelijke gastvrijheid op dit landgoed op de opgefokte sfeer van het nabijgelegen vissersplaatsje Cassis. Nou ja, vissersplaatsje? De veronderstelde romantiek van het vissersleven komen we er niet tegen. Wel een chronisch tekort aan parkeerplaatsen, veel politiemannen die driftig en terecht bekeuringen uitschrijven voor foutparkeerders en drommen toeristen, die de vissersboten permanent aan het zicht onttrekken. “Terminé”, zegt de ober op het terras dat wij hebben uitgekozen om een salade Niçoise te bestellen. Twee meter verderop wordt nog wel geserveerd.

Woede

Net als in andere Franse badplaatsen te doen gebruikelijk betrekken we 2 stretchers op het plaatselijke strand, in de veronderstelling dat de eigenaar weldra vriendelijk doch overtuigend de rekening komt presenteren. Je betaalt 12 euro per stoel en bent voor een dag verzekerd van een eigen plek op de kiezels. De eigenaar komt wel, maar in woede ontstoken, omdat we naar zijn mening een loopje hebben genomen met zijn “procedures”. We hadden ons eerst moeten melden en pas daarna gaan liggen. Zijn ogen spugen vuur. “Wil je dat ik betaal of dat ik vertrek”, vraag ik in het Engels, omdat mijn Frans op emotionele momenten (en anders trouwens ook) tekort schiet. Hij spreekt geen woord over de grens en wordt almaar kwaaier, waaruit ik de conclusie trek dat vertrekken beter is dan betalen Voor een combinatie van beide (vertrekken EN betalen) voel ik me te Nederlands en te beledigd. Ter hoogte van het plaatselijke, mobiele gendarme-bureau haalt een kornuit ons in. “Dix euros”, zegt de agressieve blaag dwingend, terwijl hij een gevaarlijk dreigende houding aanneemt. “Dix euros?”, herhaalt Letty, voor die louzige twintig minuten en dan nog weggestuurd worden ook? No way!

Taaltruc

taaltruc“Je ne parle pas le Francais”. De taaltruc lijkt te werken. Hier is geen beginnen aan, denkt de gefrustreerde jongeman en hij druipt af. Met genoegen keren we het overvolle Cassis de rug toe. “Hoe zit het”, vraagt dochter Julia per SMS, “komen jullie ook nog langs Coca en Pepsi?”. Bij Xenia et Bernard van La Royante genieten we deze ochtend dubbel en dwars van die onmetelijke gastvrijheid. Fantastisch land, Frankrijk, zolang je niet de fout maakt de opgefokte toeristische gekte in te stappen, want dan is het gewoon net Zandvoort met onvervalste Randstedelijke stress. Hier op het platteland is het sublime!

La Royante van Xenia et Bernard van harte aanbevolen: e-mail xbsaltie@aol.com, website www.laroyante.com

 

Ton Verlind

Geef een reactie