Wie weet nog waar de omroepen voor staan?

De Telegraaf op Zondag…Sorry, herstel. De kandidaat-omroep Wakker Nederland (die wettelijk geen relatie mag hebben met De Telegraaf), inmiddels omgedoopt tot WNL, legt dit weekend pijnlijk bloot welke tol de omroepenomroepverenigingen hebben moeten betalen voor hun loyaliteit aan het omroepbestel. Uit een opinieonderzoek onder ruim 600 deelnemers blijkt, dat de meeste kijkers naar de publieke omroep niet meer weten voor welke principes individuele omroepen nog staan en hoe hun programma’s zich verhouden tot hun beleid.

Telegraaf: omroepen moeten scherper profileren!

De Telegraaf ziet dit als zwakte van “het bestel”. Hét bewijs, dat er behoefte is aan nieuwe, scherp geprofileerde omroeporganisaties. Was het overigens niet deze krant die jaren betoogde dat er méér samengewerkt moest worden om geldverspilling tegen te gaan?

Samenwerking leidde tot gezichtsvervaging

Het neemt niet weg, dat De Telegraaf met deze kritiek een punt scoort. Het beleid, waartoe o.a. visitatiecommissies de omroepen hebben gedwongen, heeft geleid tot een zwakker profiel.

Ook de vele samenwerkingsverbanden (Netwerk, Nova, Buitenhof etc.), gestart om de indruk te vermijden dat Hilversum niet tot samenwerken in staat was, hebben daaraan bijgedragen. Onder leiding van Harm Bruins Slot van de NPO, de vorige staatssecretaris Medy van der Laan (D66) en de huidige minister Plasterk (PvdA)(foto) werden zenderprofielen belangrijker dan omroepprofielen, marktaandelen werden boven kwaliteit gesteld. In gewone taal: grote aantallen werden nét iets belangrijker dan maatschappelijke relevantie. Het laat onverlet, dat in grote lijnen de publieke omroep, ondanks deze Haagse druk en een aantal té gemakkelijke keuzes, als geheel tóch zeer fatsoenlijk presteert. Behalve kritiek dus ook waardering.

Omroepen betalen een prijs voor hun meegaandheid

Voor hun meegaandheid hebben de omroepen desalniettemin een prijs betaald. Alleen de EO, MAX, BNN, de KRO en de NOS doen het in de herkenbaarheid naar behoren. Van de eerste 3 zegt 80% van de ondervraagden de grondbeginselen van deze omroepen te kennen. KRO en NOS scoren bij 70 % van de ondervraagden goed. Maar dan nog begrijpt 87% van de respondenten niet waarom het programma “De PC Hooft” (foto Jort) bij de KRO past en “Per Seconden wijzer” bij de VARA.

En daarin hebben die Nederlanders gelijk. Omroepen zijn in toenemende mate gedwongen om programma’s te maken die niet zozeer bij hun achtergrond passen, maar wel bijdragen aan het succes van “het geheel”. Ze moesten daarvoor zelfs 25% van hun gegarandeerde inkomsten bij de Raad van Bestuur inleveren. Toen ik in 2007 bij de KRO vertrok hoorde een groeiend deel van de programma’s van deze omroep tot de categorie “specials”. De definitie daarvan luidde: programma’s die NIET in strijd zijn met het profiel van de eigen omroep, daaraan ook niet echt bijdragen, maar die gemaakt worden omdat de publieke omroep dit wil. De groei van die categorie baarde de KRO zorgen.

Het moet uit zijn met dat vage gedoen

In ieder geval vindt de redactie van De Telegraaf dat het uit moet zijn met dit vage gedoe en dat omroepen duidelijk smoel moeten tonen.. Daar ben ik het van harte mee eens. Dus als de relatie tussen Telegraaf en WNL écht wordt verbroken en de nieuwe omroep daarna kan toetreden tot het bestel, is dit het begin van een interessante nieuwe periode, waarin principiële keuzes in plaats komen van opportunistische. Dan is de samenleving de winnaar en zijn Jantje Smit, Nick en Simon en André Rieu de verliezers. Die zijn na deze herbezinning op de taak van de publieke omroep zeer welkom bij RTL en SBS lijkt me.

 

Ton Verlind

1 Reactie op “Wie weet nog waar de omroepen voor staan?
  1. Ruud Hendriks/Eric de Groot schreef:

    Publieke omroep reclamevrij, lange leve de kijkers!

    De afgelopen maanden was er veel om het bestel en zijn bestuurders in Hilversum te doen. De vijfjaarlijkse race om nieuwe leden te werven vormde een prachtige aanleiding voor critici om te scoren met de vermeende verkwisting van gelden bij de publieken. Waarom neemt BNN voorzitter Patrick Lodiers een half miljoen per jaar mee naar huis zonder ook enig ondernemersrisico te lopen? Is TROS gezicht Jaap Jongbloed echt zo bijzonder dat hij meer moet verdienen dan onze minister-president? Is het normaal dat de TROS , BIBA Boerderij een volledig door het bedrijfsleven gefinancierde kinderserie uitzendt en meedeelt in de winst? Het zijn terechte vragen maar niet gespeend van enig opportunisme. Immers tegelijkertijd eiste de politiek decennia lang wel dat de publieke omroepen voldoende draagvlak hadden onder de bevolking door ledenaantallen en kijkcijfers. Want waarom veel geld naar de publieken laten gaan als er toch niemand naar kijkt? Dezelfde mensen die nu tegen de salarissen van een beperkt aantal medewerkers tekeer gaan zwegen veelal toen de NOS veel geld uitgaf aan sportevenementen waarvan commerciële partijen minstens zo goed verslag zouden kunnen doen. Het dilemma tussen kwaliteit en kijkcijfers zit de publieke omroep al jaren dwars. De publieken doen het niet slecht. Met een marktaandeel van bijna 40% mag menig bedrijf tevreden zijn, zoniet zich marktleider noemen. Een sterke speler dus. De vraag is alleen of sterk per se moet betekenen dat er ook met marktaandelen en kijkcijfers rekening moet worden gehouden. Die zorgen er namelijk per definitie voor dat programma’s voor een kleiner publiek naar tijdstippen worden verbannen die de publieke omroep onwaardig zijn. Ziet u weleens een ballet tussen 20 en 23 uur? Moet het bestel dan alleen kwaliteit bieden? Liefst beiden maar als er dan toch gekozen moet worden dan graag kwaliteit binnen het algemene nut als nummer één. En geen slap aftreksel van de commerciëlen. Tot de komst van RTL in 1989 moest de massa het doen met alleen de publieken. Maar sindsdien zou de publieke omroep niet meer voor de kwantiteit moeten programmeren maar aanvullend. Toch klinkt 3FM nog altijd bijna net zo commercieel als Radio 538, heeft Nederland 1 nog steeds de taak een fors marktaandeel te behouden en is Lingo is nog steeds te zien binnen het bestel. Zenders als Kink FM, KX Radio, BNR en Het Gesprek springen in het gat dat het bestel laat liggen. De publieke omroep is in Nederland zo gecommercialiseerd dat deze net als RTL en SBS een tariefkaart heeft waarop kortingen tot 70 % geen uitzondering vormen. Televisiereclame is in Nederland goedkoop. Zo goedkoop dat om omzetdoelen te halen de blokken zo lang zijn geworden dat ze een grote bron van irritatie vormen. Terecht is er een fors aantal klachten op het bureau van de Europese commissarissen van mededinging beland over de oneerlijke concurrentie die de van meerdere inkomstenstromen genietende publieke omroepen de commerciëlen aan doen. En steeds vaker krijgen de publieken een tik op de vingers. Waarom mogen zij 225 miljoen aan reclame uit de markt trekken maar mag een commerciële omroep als Het Gesprek geen aanspraak maken op het Cobo fonds en andere subsidiepotjes die nu nog uitsluitend voor de publieken zijn gereserveerd? En waarom zijn de frequenties voor de commerciële radio nog altijd zo beperkt dat geen enkele station in elk Nederlandse huishouden te beluisteren is terwijl de publieke radio maar liefst vijf van dergelijke netten heeft? De jarenlang door PVDA en CDA gedomineerde ministeries van CRM en OC&W kwamen bijna traditioneel voor de publieken op terwijl de partijen die het puur van de beperkte reclamemarkt moesten hebben veel zoniet alles via de rechter en Brussel hebben moeten afdwingen. Minister Plasterk beperkt het Stimuleringsfonds voor de Pers tot steun aan kranten en websites alsof BNR Nieuwsradio en Het Gesprek niet ook een waardevolle bijdrage aan de pluriformiteit leveren. Een minister die de hele geschreven pers denkt te kunnen steunen met 12 miljoen euro om jonge journalisten in dienst te nemen terwijl concerns als TMG, PCM en Wegener, door mismanagement de afgelopen twee jaar ruim anderhalf miljard minder waard werden. Naast een mentaliteitsverandering op het ministerie van OC&W is het noodzakelijk nieuwe criteria vast te stellen waaraan de omroep zou moeten voldoen. Het eerste zou een duidelijke scheiding tussen commerciëlen en publieken moeten zijn. We moeten accepteren dat er altijd een zekere mate van verspilling in ons bestel is ingebouwd. Dat betekent niet dat we misbruik van publieke middelen moeten tolereren. Er blijft voor het Commissariaat voor de Media ook de komende jaren een belangrijke rol als waakhond weggelegd. De BBC heeft een begroting van circa € 4,3 miljard. Op de ongeveer 60 miljoen inwoners van het Verenigd Koninkrijk is dat € 72 per persoon. In Nederland gaat het om € 1 miljard (waarvan € 0,8 miljard belastinggeld) en ongeveer € 63 per inwoner. Toch niet zo’n slechte score in de benchmark. Je mag niet van de publieke omroepen verwachten dat ze nauw samenwerken en tegelijkertijd hun identiteit behouden. Daardoor ontstaan clubjes als Wakker Nederland dat de populistische rol van de TROS straks zal gaan overnemen. En daardoor ontstaan situaties waarbij de VPRO, de AVRO en de NPS vechten om de rol van grootste culturele speler terwijl ze grotendeels hetzelfde doen. De tegelijkertijd door concurrentie en Den Haag afgedwongen samenwerking leidde tot een publieke eenheidsworst waarin geprofileerde actualiteitenrubrieken als Aktua TV (rechts) en Brandpunt (katholiek) al lang geleden het loodje moesten leggen. Zeker is dat binnenkort nieuwe omroepvoorzitters en overhead aan het systeem zullen worden toegevoegd. Deze zullen uit dezelfde overheidsruif moeten worden betaald, waardoor er weer bezuinigd moet worden wat uiteindelijk weer ten koste van de programma’s zal gaan. Zo zitten we in een neerwaartse versnipperingspiraal die tot weinig goeds zal leiden. Wij willen veel overlaten aan het zelfreinigende vermogen van de publieke omroep. Mocht voorzitter Henk Hagoort, en de Raad van Bestuur, er niet uitkomen dan kunnen altijd nog toezichthouders en de Staat ingrijpen. Rust is nog een vereiste. Veel kijkers kunnen het verschil tussen publieken en commerciëlen allang niet meer zien. Gun alle bestaande omroepen een lange licentieperiode waardoor ze niet met allerlei hun onwaardige merchandising zieltjes hoeven te winnen die alleen maar in de gratis DVD’s of in de programmabladen geïnteresseerd zijn. Laten we ook stoppen met de discussie of het niet met een net minder kan. In een tijd waarin het aantal kanalen ondanks de recessie gewoon blijft groeien is het zinloos de publieke omroep een net af te nemen. Drie zijn het er, drie moeten het er blijven. En laten we ook de huidige hoeveelheid themakanalen (nu nog altijd twaalf!) laten voor wat ze zijn. RTL en SBS hebben alle kansen gehad deze ook op te zetten maar die wachtten rustig af tot de publieken het digitale domein hadden doen groeien, wilden zonder te investeren op de eerste rang zitten en hebben alleen daarom al geen recht van klagen. Echte rust rondom de publieke omroep kunnen we alleen maar creëren door ‘m volkomen reclamevrij te maken. Uitzonderingen daargelaten als gesponsorde culturele evenementen waarover we niet krampachtig moeten doen. Reclame vormt circa 20% procent van de financiering van het bestel en die kun je niet zomaar weg zonder grote gevolgen voor de programmering en medewerkers. Ook hier pleiten wij voor rust. Die weggevallen reclamegelden zouden moeten worden opgebracht door een deel van de omzet van de commerciëlen naar de publieke omroep te laten vloeien. Immers RTL, SBS, etc. zullen veel van de vrijvallende omzet gaan binnenhalen en hebben ineens een concurrent minder. Daar mag best wat tegenover staan. RTL is een Luxemburgse exploitant en dus zou de afdracht om concurrentievervalsing te voorkomen al kunnen plaats vinden bij de mediainkoopbureau’s die het overgrote deel van de reclamegelden in ons land verdelen. In Frankrijk ging men ons al voor, daar is de publieke omroep vanaf acht uur s’avonds reclame-vrij. Men heeft gekozen voor een geleidelijke afbouw tot 2012. Spanje zal snel volgen. Drie procent van de bruto-omzet van de commerciëlen zal daar binnenkort naar de dan reclamevrije TVE vloeien en er komt ook nog 0,9% van de telecombedrijven. In België hebben recent politieke partijen een verzoek ingediend om de VRT met het laatste restje reclamevrij te maken. De BBC heeft op z’n analoge kanalen nog nooit reclame uitgezonden maar kent wel een aantal commerciële themakanalen die strikt gescheiden van de publieke Beeb opereren. Wij betwijfelen overigens of drie procent voldoende is. Bij een netto tv reclamemarkt van zo’n 650 miljoen is 20% realistischer, een percentage dat in stappen zou kunnen worden afgebouwd. Ongetwijfeld zijn er adverteerders die door deze “publieke omroepheffing’ de televisie tijdelijk links laten liggen maar tv-reclame blijft een effectieve manier om doelgroepen en de massa te bereiken. Die adverteerders komen wel terug en anders kunnen ze online en bij de kranten de door minister Plasterk zo gewenste versterking van de geschreven pers realiseren. Als er dan toch nog steeds een gat is kan de omroepreserve van 100 miljoen worden aangesproken en kan de verplichte omroepbijdrage nog iets omhoog. Het nieuwe bestel hoeft niet meer om kijkcijfers te vechten, heeft daardoor geen “unieke” talenten meer nodig en kan zich concentreren op de kwaliteit van de programma’s i.p.v. de kwantiteit van kijkers. De salarissen bij RTL en SBS zullen ook weer naar normale proporties dalen, de tarieven voor commercials zullen daar naar normale niveaus stijgen en de reclameblokken kunnen weer korter worden. En die zijn aantrekkelijker voor adverteerders. Veel belangrijker is dat de kijkers weer echt verschil kunnen zien tussen de publieken en commerciëlen. Want 1 tegen 100, en BIBA Boerderij zijn programma’s die bij een reclamevrije publieke omroep nooit te zien zouden zijn geweest. Die zendtijd zou dan mooi gebruikt kunnen worden voor programma’s zoals dat mooie ballet. Of voor de mening van alle politieke gezindten, van links maar ook van rechts. In prime time welteverstaan. Wedden dat het draagvlak van het bestel dan nooit meer een issue wordt? Ruud Hendriks werkte ruim 13 jaar voor de NOS, Veronica en AVRO, was o.a. grondlegger van RTL in Nederland en is aandeelhouder van Het Gesprek. Eric de Groot werkt als adviseur voor de mediasector en is partner bij Boer & Croon.

Geef een reactie